Leko’s ‘vakantiemodus’ bij nationale ploegen krijgt weerwoord

De uitspraken van Ivan Leko over internationals bij hun landenteam blijven nazinderen bij Club Brugge. Na de zege tegen RSC Anderlecht lag zijn scherpe analyse meteen onder een vergrootglas, en niet iedereen volgt die lezing zonder meer.
Waarom Leko’s woorden bleven hangen
Leko opende het debat na de gewonnen topper tegen RSC Anderlecht. De coach stelde dat internationals tijdens periodes bij de nationale ploeg in een soort “vakantiemodus” belanden: minder intens trainen en vooral blessures proberen te vermijden. Het was een uitspraak die voor gefronste wenkbrauwen zorgde, temeer omdat Club Brugge zelf ook spelers afstaat aan nationale selecties.
Niet veel later maakte Leko duidelijk dat hij zijn eigen spelers niet viseerde. Zijn kritiek, zo klonk het, richtte zich op de manier waarop er binnen nationale selecties gewerkt wordt. Daarmee was de discussie echter niet van tafel: hoe kijk je naar trainingsarbeid en fysieke prikkels wanneer spelers even uit de clubroutine stappen?
Innaurato brengt nuance in het verhaal
Volgens fysieke coach Mario Innaurato ligt de realiteit genuanceerder, zo vertelde hij aan La Dernière Heure. Innaurato heeft ervaring bij de Rode Duivels onder Marc Wilmots en werkte ook bij clubs als RSC Anderlecht, AC Milan, Sevilla FC en ACF Fiorentina. Hij bevestigt dat de trainingsbelasting bij nationale teams doorgaans lager ligt, maar plaatst daar meteen een belangrijke kanttekening bij.
“Spelers komen toe na een reeks intensieve clubwedstrijden, gecombineerd met verplaatsingen en vaak ook lange reizen”, legt Innaurato uit. “Daarna moeten ze enkele dagen later alweer presteren bij hun club.” In dat kader krijgt een lichtere trainingsweek een andere betekenis: het is niet automatisch gemakzucht, maar kan ook een bewuste keuze zijn om spelers klaar te krijgen voor de volgende opdracht.
Zeker bij ploegen zoals de Rode Duivels speelt volgens Innaurato ook vermoeidheid door jetlag een rol. Die factor legt extra druk op de korte voorbereidingstijd die nationale teams doorgaans hebben. De marge om zwaar te trainen is dan beperkt, net omdat spelers snel opnieuw in het clubvoetbal moeten draaien.
De kern van de discussie draait zo rond belastingmanagement. Clubs willen hun spelers zo fit mogelijk houden voor de competitie, terwijl nationale teams rekening moeten houden met vermoeidheid en de beperkte tijd samen. Of Leko gelijk heeft, blijft in die context voer voor discussie.
Vind jij dat nationale ploegen te licht trainen tijdens interlandperiodes?
Volg VoetbalFocus op social media❗
Extra specials, visuals en unieke content.
Dit artikel en bijbehorende afbeelding werden gegenereerd met behulp van AI. VoetbalFocus hanteert een redactioneel systeem op basis van informatie uit betrouwbare bronnen.






